plant banner

Paksoi
Brassica pekinensis

light icon water icon soil icon winter icon

JAN
FEB
MAA
APR
MEI
JUN
JUL
AUG
SEP
OKT
NOV
DEC
Alles
Voorzaaien
Buiten zaaien
Kweekkas winter
  Binnen (voor)zaaien
  Binnen (uit)planten
  Buiten (voor)zaaien
  Buiten (uit)planten
  Oogstperiode
  Snoeiperiode


12℃

0℃

30 CM

20 CM

Paksoi levenscyclus / tijdlijn:

Paksoi kweken

Paksoi algemene verzorging

Paksoi is officieel een koolgewas, voor wie wisselteelt toepast in de moestuin. De plant maakt dikke, lichtgroen en naar wit neigende, sappige bladstelen en grote bladeren. Afhankelijk van het soort paksoi natuurlijk, want er is ook baby paksoi. Dat is een soort mini paksoi die veel minder ruimte nodig heeft. De gewone paksoi wordt erg groot.

Paksoi zaaien en planten

Paksoi zaai je bij voorkeur in potjes met genoeg ruimte, zoals P7 of zelfs P9 formaat. Je kunt in de vensterbank voorzaaien. Net als andere koolgewassen kan paksoi snel groeien. Als het er warm genoeg is kan je paksoi ook direct buiten zaaien. Het beste is toch om pas later in het jaar paksoi te zaaien, omdat deze bij warmer en langer wordende dagen sneller doorschiet. De plant zal vroegtijdig gaan bloeien en dan is deze niet meer lekker om te eten.

Paksoi grondsoort

Paksoi groeit graag op een zeer voedzame bodem, rijk aan humus en tamelijk doorlaatbaar voor de wortels van de plant. Paksoi is een sterke groeier en je kunt deze dus ook op kleigrond planten. Bedenk je dan dat het toevoegen van extra compost en organisch materiaal wel handig is om de bodem een wat fijnere structuur te geven. Door brekerzand door de kleigrond te mengen maak je deze ook luchtiger. Als de bodem drijfnat wordt en dat lang blijft, zoals bij kleigrond vaak het geval is, is dit niet zo goed voor paksoi. Een licht tot matig vochtige bodem is ideaal. Je kunt paksoi dus op een soort heuveltje planten om te zorgen dat water snel langs de zijkanten wegstroomt.

pH-waarde (zuurtegraad):
6.0
7.5
ZUUR BASISCH

Paksoi bemesting

Welke meststof gebruik je voor paksoi? De beste meststof voor het kweken van paksoi heeft bij benadering een NPK samenstelling van --. Wat is NPK?

Voeding is belangrijk voor paksoi. Het is een koolgewas en dus een grootverbruiker. Geef daarom een algemene organische mestvoeding, bijvoorbeeld korrels voor moes- en kruidentuin. Het is daarnaast sterk aan te raden om extra stikstof te geven aan de plant. Hiermee bevorder je de aanmaak en groei van het blad, het deel van de plant wat je straks zal gebruiken.

N
P
K

Wanneer paksoi oogsten

opnieuw paksoi kweken

Van paksoi oogst je de hele plant voor het blad met de lekkere dikke stelen. Je trekt de hele plant uit de grond en bewaart deze bij voorkeur met wortel en al, dan blijft deze wat langer vers. Je kunt de plant ook net boven de grond afsnijden als je deze direct gebruikt. Het leuke van het afsnijden van paksoi, is dat het hart van de plant in leven blijft. Vanuit het stompje zal nieuw blad groeien en zo kan je later nog een keer paksoi oogsten. Al zal het nieuwe blad natuurlijk wel veel kleiner blijven, dus de oogst iets minder.

Paksoi is veelzijdig maar vooral heerlijk om mee te roerbakken. Je kunt er ook een ovenschotel mee bereiden. Paksoi is erg lekker in combinatie met bosuitjes en allerlei andere groenten in de roerbak. In Aziatische gerechten wordt paksoi vaak verwerkt.

Paksoi gebruik je zo snel mogelijk na de oogst, omdat het plantje al snel zal gaan verleppen en minder zal gaan smaken. In de koeling is paksoi enkele dagen houdbaar, daarna wordt het blad en de steel slap. Paksoi is dan nog steeds te gebruiken, maar de kwaliteit gaat snel en sterk achteruit. Paksoi is ook goed in te vriezen en blijft dan nog ten minste een jaar lang houdbaar.

Paksoi rassen en soorten

Er zijn verschillende soorten paksoi, waaronder kleinblijvende (mini/baby)paksoi. Deze kan makkelijk in potten en bakken worden gekweekt. Er zijn ook grotere soorten paksoi, waarbij de planten gigantisch kunnen worden. Een exacte plantafstand is hierdoor moeilijk te bepalen. De meeste soorten paksoi zijn grote soorten en hebben veel ruimte nodig in de volle grond.

Paksoi teeltwijzen

Paksoi is een koolgewas. De ideale voorteelt is een peulgewas en de ideale nateelt is een bladgewas, volgens de principes van wisselteelt.

Paksoi kan goed worden gecombineerd met (goede buren):
Aardappel

Paksoi kan slecht worden gecombineerd met (slechte buren):
Aardbei


Deel deze pagina

Win een kweekkas!

Schrijf je in en maak iedere maand kans op één van de twee kweekkasjes!

kweekkas winactie

Binnen zaaien in juni

Buiten zaaien in juni

In kas planten in juni

plant thumbnail

Meloen plant icon
Cucumis melo

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Meloenen hebben als eerste veel warmte nodig, en veel zonlicht natuurlijk. Zoals hierboven genoemd, en ik benadruk het nog maar even, zijn meloenen net als komkommers gevoelig voor zonnebrand. De jonge plantjes kan je beter eerst afharden (lees hierboven bij het kopje "ontkiemen"). Meloenen staat graag op een plekje in de volle zon. Meestal staat de kas wel in de volle zon, maar wie het buiten de kas probeert kiest het beste de meest zonnige en warme plek in de tuin uit. In een (hele ruime) pot, in de buurt van een muur en op een terras (tegels) wordt de grond veel warmer dan ergens in de open grond.

Eenmaal uitgeplant hebben meloenen iets nodig om langs omhoog te klimmen. De steeltjes van de meloenen kunnen knappen als de vrucht te zwaar wordt, de meloenen kunnen stukvallen en de hele plant stuktrekken in hun val naar beneden. Meloenen kweek je dus liever schuin omhoog, langs een schuin hekwerk, betongaas, trellis, een schuin muurtje of wat dan ook. Ergens waar je de meloenen kunt vastbinden of waar je de vruchten op kunt leggen ter ondersteuning. Je kunt meloenen ook -net als komkommers- laten kruipen maar dit werkt schimmels in de hand, met name wanneer het blad en de vruchten de vochtige bodem raken.

In tegenstelling tot komkommers, hebben meloenen wel een goede (handmatige) bestuiving nodig. Vrouwelijke bloemen (met vruchtbeginsel) die niet zijn bestoven, zullen van de plant vallen. Deze bloemen hebben geen nut meer en de plant verwerpt ze, om energie naar andere bloemen te laten gaan. Je bestuift een meloen door het stuifmeel van de mannelijke bloemen over te brengen op de vrouwelijke bloemen. De vrouwelijke bloemen zijn te herkennen aan het kleine, ronde of ovaalronde (vaak harige) vruchtbeginsel achter de bloem. De mannelijke bloemen hebben dat niet. Je kunt een mannelijke bloem plukken en daarmee tot 3-5 vrouwelijke bloemen bestuiven door de bloemen tegen elkaar te drukken (uiteraard wel zachtjes). Je kunt ook een wattenstaafje of kwastje gebruiken om het stuifmeel over te brengen.

meloen vruchtbeginsel

Lees meer...

plant thumbnail

Pepino plant icon
Solanum muricatum

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Pepino, die ook wel "meloenpeer" wordt genoemd, is een vruchtgewas dat veel behoefte heeft aan warmte en zonlicht. Hoewel de plant bij minder zonlicht toch aardig zal groeien, is de volle zon nodig voor het vormen van de vruchten die de plant maakt. De meloenpeer of pepino wordt ook vaak als sierplant gehouden, gewoon binnenshuis. Het is eigenlijk een meerjarige plant. Als je pepino op de juiste manier weet te overwinteren, kan deze volgend jaar verder groeien. Kies hiervoor in de winter een warme, zeker vorstvrije en lichte plek uit. Een vensterbank op het zuiden of een verwarmde serre zijn ideaal.

Pepino heeft een zeer lang seizoen nodig. Je zaait de plant al heel vroeg in het jaar, het liefste in januari of februari al. Later kan ook, maar hiermee duurt het langer voor (en wordt het onzekerder of) je vruchten krijgt. Vanaf half juni kan het plantje buiten staan, vanaf half mei kan dat al in de kas. Doe het ook zeker niet eerder, vorst maar óók wat lagere temperaturen zijn een grote boosdoener. De vruchten van pepino hebben heel lang nodig om te groeien en rijpen. Als het buiten of in de kas te koud wordt zal je de plant binnen moeten zetten. Daar rijpen de vruchten verder af. Soms is dat pas in december en het kan bij uitzondering zelfs in januari volgend jaar zijn. Vanaf het opkomen van de zaden duurt het ongeveer 9 maanden voor de vruchten van de pepino rijp zijn.

Heb je al meerdere jaren een pepino staan die het erg goed doet? Dan kan je deze makkelijk vermeerderen door kopstekken te nemen. De groeipunten zijn goed levensvatbaar en wortelen makkelijk. Dat is als de plant eenmaal goed groeit, niet in een vroeg stadium. Te vroeg zou zijn in de zomer van het eerste groei-jaar van de plant. Takken die je op dat moment verwijderd kan de plant eigenlijk niet missen. Stekjes maken is vooral vanaf het tweede jaar heel erg makkelijk.

Lees meer...

Buiten planten in juni

plant thumbnail

Watermeloen plant icon
Citrullus lanatus

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Deze exotische plant heeft veel warmte en veel zonlicht nodig. De teelt in een kweekkas wordt daarom sterk aanbevolen. Hoewel een watermeloen ook buiten de kweekkas gehouden kan worden, geeft dit vaak toch veel minder resultaat. De grootste kans op een redelijke oogst heb je als je de plant op een terras of balkon zet, aan de zuidzijde van het gebouw en vooral erg beschut en beschermd tegen harde wind. In de kweekkas blijft echter de makkelijkste manier. Dat komt omdat wind van buiten hier niet zo sterk binnen kan dringen, de temperaturen hoger zijn (en ook langer hoog blijven), de luchtvochtigheid bijna altijd hoger uitvalt dan buiten, en deze combinatie voor de watermeloen erg prettig is.

Eenmaal uitgezet in de kas (of in een ruime pot of bak) hebben watermeloenen iets nodig om langs omhoog te klimmen. Oorspronkelijk zijn het een soort kruipende planten, je kunt ze dus ook laten kruipen. Bedenk je dan wel dat het blad en de vruchten de grond raken en hierdoor gevoeliger zijn voor schimmels en ongedierte. Dat gezegd hebbende is het verstandig om een watermeloen langs betongaas, een hekwerk, trellis of zelfs een hele lange en stevige stok omhoog te laten klimmen. Dat kan eventueel ook schuin omhoog langs een speciaal diagonaal gemaakte constructie (maakt het ondersteunen wat makkelijker).

watermeloen klein

Watermeloenen kunnen groot, maar vooral erg zwaar worden. Het steeltje kan knappen als de vrucht aan de plant groeit, of de plant begeeft het en er worden delen van de plant losgetrokken door de veel te zware vrucht. Wat je hiertegen kunt doen is het verzamelen van netjes, bijvoorbeeld netjes van mandarijnen of andere verpakkingen. De netjes kan je om de groeiende watermeloen doen en met een touwtje langs het hekwerk (of het dak van de kas) vastbinden. Hiermee geef je de vrucht extra ondersteuning zodat deze de plant niet kan beschadigen. Of nog belangrijker, van de plant af knapt en stukvalt op de grond. Dat laatste is mij namelijk al eens overkomen en dat is enorm balen!

watermeloen vruchtbeginsel

Het bestuiven van de watermeloen is ook nog een dingetje. In tegenstelling tot de komkommer, moet de watermeloen wel echt bestoven worden. Anders krijgt deze namelijk geen vruchten, de bloemetjes met vruchtbeginsel vallen af als deze niet (goed) zijn bestoven. Veel insecten helpen je hierbij, maar door dit met de hand te doen weet je zeker dat alles goed gaat. Vooral in de kas is dat extra helpende handje nodig. Je kunt een wattenstaafje of kwastje gebruiken om stuifmeel over te brengen, maar je kunt ook de hele mannelijke bloem plukken en hiermee meerdere vrouwelijke bloemen bestuiven. De watermeloen is éénhuizig, wat erop neerkomt dat de mannelijke en vrouwelijke bloemen aan dezelfde plant groeien. De vrouwelijke bloemen herken je aan het kleine bolletje achter de bloem (zie de foto hierboven), dit wordt uiteindelijk de watermeloen. Mannelijke bloemen hebben dit vruchtbeginsel niet (zie de foto hieronder). Het steeltje van de mannelijke bloem is ook vaak langer en smaller.

watermeloen bloemen

Lees meer...

plant thumbnail

Muismeloen plant icon
Melothria scabra

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Muismeloen, ook wel "cucamelon" genoemd, is qua groei een beetje vergelijkbaar met de komkommer en de meloen. De plant groeit op de zelfde wijze, maar dan wel met een stuk kleinere blaadjes. De plant maakt ook hechtrankjes en heeft iets nodig om langs omhoog te klimmen. Je kunt de muismeloen langs een draad naar het dak van de kas laten groeien, langs een stok, een trellis of betongaas. Ook buiten de kas groeit het plantje best goed. Zet de muismeloen altijd op een plekje in de volle zon, de plant groeit slecht in de halfschaduw.

De muismeloen of cucamelon mag niet vóór half mei naar buiten. Het beste is om de plant voor je deze buiten zet eerst af te harden. Dat is het laten wennen aan de nieuwe omstandigheden. Zet de muismeloen eerst een paar uurtjes buiten in de warme zon, na enkele dagen een paar uurtjes langer. Net zo lang tot je de plant dag en nacht buiten kunt laten staan. Je kunt de muismeloen trouwens ook laten kruipen, net als meloenen en komkommers, maar bedenk je dan wel het volgende: Het blad, de vruchten en andere delen van de plant raken de -vaak vochtige- grond. De kans op schimmels en infecties neemt hierdoor enorm toe. Dit is te voorkomen door de weerstand van de plant te verbeteren (zie ook onder het kopje "voeding").

Eigenlijk is de cucamelon of muismeloen een meerjarig plantje. Ondergronds maakt het plantje een soort langwerpige knolletjes die wat de diepte in gaan, wat opvallend is voor dit soort plant. Muismeloen is makkelijk op te kweken uit zaadjes, maar wie het leuk lijkt kan de knolletjes overwinteren. Zet de pot of bak dan op een tamelijk warme en zeker vorstvrije plek gedurende de hele winter. In het voorjaar zullen de knolletjes opnieuw gaan uitlopen en groeit het plantje opnieuw uit. Je kunt dan mogelijk zelfs iets eerder oogsten dan wanneer je de muismeloen opkweekt uit zaadjes. De muismeloen of (cucamelon) hoeft niet met de hand te worden bestoven.

Bij de muismeloen of cucamelon is het extra belangrijk om op de omgeving te letten. De juiste temperatuur, niet te koud, maar ook niet te veel of te weinig water. Als de omgeving niet goed is zal de plant mogelijk toch bloemetjes maken, maar dan vallen deze af en groeien ze niet uit tot vruchtjes. Je kunt de beginnende vruchtjes herkennen aan het bloemetje met een vruchtbeginsel erachter, zoals op de foto hieronder.

muismeloen bloemen

Lees meer...

Oogsten in juni

plant thumbnail

Vanille plant icon
Vanilla planifolia

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Vanille is een tropische, klimmende orchidee die in landen van oorsprong tot wel 15 meter hoog kan worden. De teelt van vanille is ook mogelijk in ons klimaat, maar dan wel in goed verwarmde kassen of binnenshuis. De temperatuur moet altijd boven de 18 graden (kamertemperatuur) blijven en de 15 meter zal deze zeer waarschijnlijk niet halen. Commercieel is de teelt van vanille niet rendabel genoeg, maar voor de hobbyist is het natuurlijk een schitterende uitdaging. En dit laatste, een uitdaging, dat is het zeker! Niet omdat de algemene verzorging van de plant erg ingewikkeld is, maar vooral omdat je de juiste omgeving moet creëren en behouden om de plant te laten groeien, bloeien èn vruchten te laten maken.

Vanille is een klimmende plant die dus vanzelfsprekend ondersteuning nodig heeft. Het beste werkt het om een houten hekwerk te gebruiken, al wordt dit voor de meeste mensen lastig omdat zij geen verwarmde kweekkas of serre hebben waar de temperatuur hoog genoeg blijft. Bij de teelt in potten kan je zelf een houten ondersteuning maken voor je vanille orchidee. Dit is nodig om te zorgen dat de plant zich goed kan ontwikkelen. Laten kruipen is niet verstandig en maakt de verzorging onnodig moeilijk, en eventuele bloemen kwetsbaarder.

Naast het kiezen van de juiste bodem en voeding (zie de kopjes bodem en bemesting), is het ontzettend belangrijk om je plant niet te veel water te geven. Hier kunnen orchideeën, en dus ook de vanille orchidee, heel slecht tegen. Geef dus steeds een beetje water. Wat wel goed kan helpen en wat de plant erg prettig zal vinden, is het besproeien van de plant met een fijne nevel. Hiermee geef je het idee van een hoge luchtvochtigheid, wat erg gunstig is voor de plant die luchtwortels maakt om vocht uit de lucht te halen. Dit heeft alles te maken met de tropische afkomst van de vanille orchidee.

Bloeien zal de plant op de eerste plaats niet zo snel doen, maar met de juiste verzorging verhoog je de kans op bloeien enorm. Als eerste moet de plant ten minste 2 of 3 jaar oud zijn voor deze kan gaan bloeien. Als het dan zo ver is, zal je de plant zelf moeten bestuiven om kans te maken op een (vaak kleine) oogst. Ik zeg daarbij ook nadrukkelijk "kans op bloeien" en "kans op een oogst" omdat deze uitdaging niet te onderschatten is. De plant doet dit nu eenmaal niet zo snel in een vreemde omgeving. Om de bloemen te bestuiven moet je het bloemvlies doorbreken met een scherp voorwerp. Doe dit heel voorzichtig! Vervolgens druk je de mannelijke pollen en de vrouwelijke stempels tegen elkaar.

Let bij het bestuiven goed op de timing. Dit is erg belangrijk, want als de plant bloeit dan is dit maar heel kort. Bovendien bloeit de plant eigenlijk alleen maar in de ochtenden. Dit kan al vanaf een uur of 6 in de ochtend gebeuren, maar in de middag zijn de bloemen al lang en breed verwelkt. Zoals je begrijpt zal je er dus heel snel bij moeten zijn en moet je de plant in de gaten houden als je het vermoeden krijgt dat deze wel eens kan gaan bloeien. Wees daarom alert. Zonder de bloemen te bestuiven vallen ze af en kan je geen vanille oogsten.

Het is misschien leuk om te weten dat de vanille orchidee niet alleen klimt langs andere bomen en planten, maar ook in sommige gevallen zelfs volledig het contact met de grond kwijtraakt. Wanneer de luchtwortels voldoende voedingsstoffen op kunnen nemen heeft de plant de wortels in de grond niet langer nodig. Deze leeft in zo'n geval volledig op mineralen en vocht uit de lucht.

Lees meer...

Snoeien in juni

plant thumbnail

Hazelnoot plant icon
Corylus avellana

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Hazelnoten zijn een van de weinige noten die hier in ons land weelderig kunnen groeien. Op vrijwel iedere plek aan de bosrand van een loofbos, doet de hazelnoot het goed. Op een plekje in de halfschaduw kan je een hazelaar goed planten, dat geldt zo wel voor de struik als boom variëteit. De boom maakt een mooie, recht opgaande stam met bovenin vertakkingen. De struikhazelaar maakt vanuit de kern in de grond veel verschillende vertakkingen. De takken zoeken naar licht en groeien in de richting van het licht omhoog. Onderschat de struikhazelaar niet, want ook deze kan heel erg groot worden, net zo groot of misschien zelfs groter als de boomhazelaar als de struik voldoende ruimte krijgt. Het is dan ook nodig om de hazelaar met regelmaat flink terug te snoeien.

De bestuiving van hazelnoten is nog wel een dingetje. Voor zo ver mij bekend is, is de hazelnoot zelfbestuivend. De hazelaar maakt zogenoemde "katjes", lange sliertjes van bloemen die naar beneden hangen, maar ook vrouwelijke bloemetjes. De vrouwelijke bloemetjes zijn heel klein en hebben een paars/rood pluimpje. Stuifmeel wordt door de wind verspreid over de hele hazelaar en hazelaars in de omgeving, en komt terecht op de pluimpjes van de hele kleine vrouwelijke bloemetjes. De vrouwelijke bloemetjes zullen vervolgens gedurende de hele zomer uitgroeien tot hazelnoten. Soms gebeurd het dat een hazelnoot maar heel weinig katjes maakt. Zo zaten hier ooit aan een kleine, jonge hazelaar maar twee katjes. Wel heel veel vrouwelijke bloemetjes, en dat was leuk. In dit geval helpt het als er nog een tweede hazelaar bij staat die ook katjes maakt. Je kan eventueel katjes van (wilde) hazelaars uitschudden in een potje of bakje, en het opgevangen stuifmeel verspreiden over de bloemetjes van je eigen hazelaar. Gelukkig is dat meestal niet nodig, maar soms zit er een jaar tussen dat het iets minder goed gaat.



Lees meer...

Nieuw toegevoegde planten

plant thumbnail

Vanille plant icon
Vanilla planifolia

plant icon
plant icon
plant icon
plant icon

Vanille is een tropische, klimmende orchidee die in landen van oorsprong tot wel 15 meter hoog kan worden. De teelt van vanille is ook mogelijk in ons klimaat, maar dan wel in goed verwarmde kassen of binnenshuis. De temperatuur moet altijd boven de 18 graden (kamertemperatuur) blijven en de 15 meter zal deze zeer waarschijnlijk niet halen. Commercieel is de teelt van vanille niet rendabel genoeg, maar voor de hobbyist is het natuurlijk een schitterende uitdaging. En dit laatste, een uitdaging, dat is het zeker! Niet omdat de algemene verzorging van de plant erg ingewikkeld is, maar vooral omdat je de juiste omgeving moet creëren en behouden om de plant te laten groeien, bloeien èn vruchten te laten maken.

Vanille is een klimmende plant die dus vanzelfsprekend ondersteuning nodig heeft. Het beste werkt het om een houten hekwerk te gebruiken, al wordt dit voor de meeste mensen lastig omdat zij geen verwarmde kweekkas of serre hebben waar de temperatuur hoog genoeg blijft. Bij de teelt in potten kan je zelf een houten ondersteuning maken voor je vanille orchidee. Dit is nodig om te zorgen dat de plant zich goed kan ontwikkelen. Laten kruipen is niet verstandig en maakt de verzorging onnodig moeilijk, en eventuele bloemen kwetsbaarder.

Naast het kiezen van de juiste bodem en voeding (zie de kopjes bodem en bemesting), is het ontzettend belangrijk om je plant niet te veel water te geven. Hier kunnen orchideeën, en dus ook de vanille orchidee, heel slecht tegen. Geef dus steeds een beetje water. Wat wel goed kan helpen en wat de plant erg prettig zal vinden, is het besproeien van de plant met een fijne nevel. Hiermee geef je het idee van een hoge luchtvochtigheid, wat erg gunstig is voor de plant die luchtwortels maakt om vocht uit de lucht te halen. Dit heeft alles te maken met de tropische afkomst van de vanille orchidee.

Bloeien zal de plant op de eerste plaats niet zo snel doen, maar met de juiste verzorging verhoog je de kans op bloeien enorm. Als eerste moet de plant ten minste 2 of 3 jaar oud zijn voor deze kan gaan bloeien. Als het dan zo ver is, zal je de plant zelf moeten bestuiven om kans te maken op een (vaak kleine) oogst. Ik zeg daarbij ook nadrukkelijk "kans op bloeien" en "kans op een oogst" omdat deze uitdaging niet te onderschatten is. De plant doet dit nu eenmaal niet zo snel in een vreemde omgeving. Om de bloemen te bestuiven moet je het bloemvlies doorbreken met een scherp voorwerp. Doe dit heel voorzichtig! Vervolgens druk je de mannelijke pollen en de vrouwelijke stempels tegen elkaar.

Let bij het bestuiven goed op de timing. Dit is erg belangrijk, want als de plant bloeit dan is dit maar heel kort. Bovendien bloeit de plant eigenlijk alleen maar in de ochtenden. Dit kan al vanaf een uur of 6 in de ochtend gebeuren, maar in de middag zijn de bloemen al lang en breed verwelkt. Zoals je begrijpt zal je er dus heel snel bij moeten zijn en moet je de plant in de gaten houden als je het vermoeden krijgt dat deze wel eens kan gaan bloeien. Wees daarom alert. Zonder de bloemen te bestuiven vallen ze af en kan je geen vanille oogsten.

Het is misschien leuk om te weten dat de vanille orchidee niet alleen klimt langs andere bomen en planten, maar ook in sommige gevallen zelfs volledig het contact met de grond kwijtraakt. Wanneer de luchtwortels voldoende voedingsstoffen op kunnen nemen heeft de plant de wortels in de grond niet langer nodig. Deze leeft in zo'n geval volledig op mineralen en vocht uit de lucht.

Lees meer...

footer wave afbeelding